Werkgevers investeren minder in scholing

Werkgevers investeerden in 2013 minder in personeelsbeleid, zoals scholing en arbeidsvoorwaarden dan in 2011. Gaf in 2011 nog 72% van de werkgevers prioriteit aan deze thema’s, in 2013 was dit zo’n 66%. Ook nam de prioriteit voor het aantrekken van niet-westerse migranten en voor meer vrouwen aan de top af (van 12% naar 9% en van 18% naar 14%). Dat blijkt uit het onderzoek ‘Vraag naar arbeid 2015’ van het SCP.

Investeringen in scholing en van-werk-naar-werk-activiteiten nemen niet toe. Dat zien we terug in een aantal ontwikkelingen. Ten eerste nemen investeringen van werkgevers in scholing niet toe, ondanks de maatschappelijke aandacht voor de ‘duurzame inzetbaarheid’ van werknemers. Het aandeel bedrijven met werknemers dat een cursus of opleiding volgde, lag in de periode 1994-2012 steeds tussen de 70% en 80%. Ten tweede nam het aandeel bedrijven dat van-werk-naar-werk-activiteiten toepast af van 35% in 2007 naar 27% in 2013. Tegelijkertijd nam het aandeel bedrijven dat bezig is met inkrimping van het personeelsbestand toe. Juist in een tijd dat het het hardst nodig is, zijn van-werk-naar-werk-activiteiten voor werkgevers blijkbaar moeilijk te realiseren.

Weinig aandacht diversiteitsbeleid
Terwijl de overheid wil dat ook de ‘kwetsbare groepen’ een plek vinden op de arbeidsmarkt, vinden werkgevers specifiek beleid voor doelgroepen niet zo belangrijk. Dit geldt met name voor mensen met gezondheidsbeperkingen en niet-westerse migranten; slechts 9% van de werkgevers gaf dit in 2013 prioriteit binnen de eigen organisatie. Werkgevers vinden ouderenbeleid wel belangrijk: 39% geeft hieraan prioriteit. Werkgevers vinden het ook steeds vaker gewenst dat ouderen na hun zestigste doorwerken. Een kwart van de werkgevers met ouderen in dienst vindt de loonkosten van ouderen echter hoger dan hun productiviteit.

Economische crisis en flexibilisering arbeidsrelaties
Het SCP ziet in de economische crisis een mogelijke verklaring voor de verminderde prioriteit voor investeringen in personeel. Die crisis is duidelijk terug te zien in de cijfers: in 2013 geeft bijna de helft van de bedrijven (47%) aan dat de omzet is afgenomen, in 2011 was dit 40%. In 2013 waren ook meer bedrijven bezig met inkrimping van het personeelsbestand dan in 2011.
Een andere mogelijke verklaring is de flexibilisering van de arbeidsrelaties. Terwijl in de jaren ’90 30% van de bedrijven tijdelijke contracten inzette, was dat in 2013 verdubbeld (63%). Door tijdelijke contracten hebben werkgevers waarschijnlijk minder prikkels om te investeren in personeel, denkt het SCP. De arbeidsrelatie heeft immers een kortere horizon en de investeringen gaan voor het bedrijf verloren als de werknemer weggaat. De cijfers laten zien dat werkgevers meer investeren in vaste krachten: vaste werknemers volgen vaker een cursus of opleiding dan tijdelijk personeel.