FNV moet zich terugtrekken uit de polder

De vernieuwing van de FNV is grotendeels mislukt. Weliswaar zijn bonden gefuseerd en is er een ledenparlement gekomen, maar van het doel om dichter bij werkende te staan is weinig terechtgekomen. Dat komt doordat er beleidsmatig nauwelijks iets is veranderd. Dat zegt sectorhoofd Vervoer Roel Berghuis van de FNV in het decembernummer van Zeggenschap. Uit onvrede met de koers van de FNV heeft hij zich kandidaat gesteld voor het Dagelijks Bestuur, dat volgend voorjaar wordt gekozen.

Marktdenken
Volgens Berghuis moet de vakbeweging erkennen dat het neoliberale markdenken heeft gewonnen. ‘De ideologie van de vrije markt is verworden tot feitelijke praktijk. Onze overlegeconomie, onze invulling van het Rijnlandse model is overgegaan in een bikkelharde onderhandelingseconomie. In een economie waarin niet het overleg, maar de markt de inzet en de uitkomsten van beleid bepaalt’, schrijft Berghuis in Zeggenschap.
Berghuis verwijt de FNV dat zij zich te weinig rekenschap geeft van de nieuwe werkelijkheid. ‘De FNV wil welvaart, werkgelegenheid, solidariteit en vrijheid realiseren, vooral door zich te richten op het beïnvloeden en corrigeren van het beleid van andere organisaties of van overheden. Dat doen we al sinds jaar en dag. Maar de tijden zijn veranderd. We leven niet meer in de polder, maar in een keiharde Angelsaksische omgeving waarin de markt het voor het zeggen heeft. We zijn in dezelfde valkuil getrapt als de hele progressieve beweging. We proberen invloed uit te oefenen op niveaus waar dat niet meer lukt. Want de werkelijke macht ligt niet meer bij de overheden, maar bij de bedrijven, bij de markt.’

Tegenmacht organiseren
Om weer echt invloed uit te kunnen oefenen, zou de FNV zich dan ook terug moeten trekken uit de polder, vindt Berghuis: ‘Wat hebben we nog in organen als de SER te zoeken, als daar niets meer te halen valt? De FNV moet zich terugtrekken uit een niet meer functionerend poldermodel en tegenmacht organiseren in sectoren en bedrijven. We moeten ons net als de werkgevers als een harde marktpartij in onderhandelingen opstellen. Er uit rammelen wat er uit te halen valt.’

Bond van oplossingen
Als de FNV de koers verlegt van het nationaal niveau naar de bedrijven, betekent dat ook dat de werkvloer veel bepalender moet worden voor het beleid van de bond. ‘De leden moeten weer de baas worden. Zij bepalen het beleid en besluiten in de onderneming, de sector, de keten, de beroepsgroep en de regio het FNV-beleid. We moeten de FNV van onderop organiseren.  Laat de sectoren het voor het zeggen hebben. Wanneer word je als bond sterk? Door zichtbaar te zijn op de werkvloer, door issues aan te pakken die daar spelen, door bewust daar op in te zetten. Daar kunnen we de markt effectief bestrijden, en ons inzetten voor solidariteit en tegen populisme. Daar kunnen we de bond worden van de oplossingen, perspectief en modernisering’, aldus Berghuis in Zeggenschap.